Close
Skip to content

Rob Kamphues presenteert:

Hoeveel procent?

hoeveelprocent

Autorecycling. Wat komt er allemaal bij kijken?

 

Alles leuk en aardig met die recyclingbijdrage, maar waarvoor wordt dat geld eigenlijk gebruikt? In dit artikel leggen we je haarfijn uit wat er allemaal komt kijken bij autorecycling.

Na vele jaren trouwe dienst komt er een dag dat je auto niet meer wil starten, de apk-keuring roet in het eten gooit of dat er zoveel schade aan de auto is ontstaan dat de waarde van de auto simpelweg niet meer opweegt tegen de reparatiekosten. Je auto wordt total loss verklaard. Om het milieu te beschermen wordt er zorgvuldig omgegaan met autowrakken; de tijd dat een auto weg kon kwijnen op een erf of in een weiland ligt gelukkig achter ons. De auto wordt afgevoerd naar een autodemontagebedrijf, dat de auto afmeldt bij de RDW. De klant krijgt hiervoor een vrijwaringsbewijs.

Hoewel jouw voertuig zelf hierna niet meer de weg op gaat, zal hij gelukkig nog wel voortleven in heel veel andere auto’s. Alles wat in jouw oude auto nog van waarde is, wordt bij het autodemontagebedrijf vakkundig gedemonteerd en bewaard tot een koper zich meldt om het tweedehands auto-onderdeel te hergebruiken.

Metaal verwerking en recycling HKS

De autorecyclingketen

Grondstoffen zullen uiteindelijk opraken. Om van Nederland een circulaire economie te maken, zal het gebruik van grondstoffen de komende decennia drastisch moeten afnemen. Als autorecyclingbranche zijn we – al zeggen we het zelf – met een recyclingpercentage van 98,4 procent in 2019 in ieder geval goed bezig. Maar hoe ziet die autorecyclingketen er precies uit?

Kort door de bocht zijn dat de autodemontage-, inzamel- en shredderbedrijven plus de PST-fabriek in Tiel. Elke schakel in deze keten levert een eigen bijdrage aan het autorecyclingproces. Zo nemen de autodemontagebedrijven circa een kwart (24,6 procent) van de recyclingprestatie voor hun rekening, de shredderbedrijven 58,6 procent en de PST-fabriek is goed voor 15,2 procent van de totale prestatie.

Aftappen van vloeistoffen en demonteren van onderdelen

In het Activiteitenbesluit voor demontagebedrijven van autowrakken is een aantal voorschriften opgenomen. Het eerste voorschrift betreft het aftappen van vloeistoffen en demonteren van onderdelen. Een autodemontagebedrijf is verplicht na ontvangst van een autowrak binnen tien werkdagen alle vloeistoffen af te tappen en onderdelen als accu’s, oliefilters, PCB/PCT-houdende condensatoren, batterijen, ontplofbare delen en LPG-tanks te verwijderen. Voordat het wrak wordt afgevoerd naar een inzamel- of shredderbedrijf moeten onderdelen die lood, kwik, cadmium of zeswaardig chroom bevatten, evenals katalysatoren, elektrische airbags en gordelspanners gedemonteerd zijn.

BAS EBBENS autodemontage

Gescheiden opslag

Het tweede en derde voorschrift betreffen: gescheiden opslag van onderdelen en afgetapte vloeistoffen, en gescheiden opslag van airbags en gordelspanners. Afgetapte vloeistoffen en gedemonteerde onderdelen moeten, als dat nodig is voor recycling of nuttige toepassing, afzonderlijk worden bewaard. Als het onderdeel an sich niet als product voor recycling geschikt is, maar het materiaal waarvan het is gemaakt wél, moet het autodemontagebedrijf deze onderdelen afzonderlijk bewaren en afvoeren naar een recyclingbedrijf. Voor gedemonteerde airbags en gordelspanners geldt dat zij gescheiden moeten worden opgeslagen van andere stoffen en materialen.

Opslag van autowrakken

Het volgende voorschrift heeft betrekking op de opslag van de wrakken. Vóór demontage mogen autowrakken niet opgestapeld worden. Pas als de vloeistoffen en onderdelen verwijderd zijn, mogen ze – in afwachting van het ontdoen van overige stoffen, preparaten en producten – gestapeld worden. Om te voorkomen dat vloeistoffen in het milieu terechtkomen moet de opslag van nog niet gedemonteerde autowrakken plaatsvinden op een vloeistofdichte vloer of verharding.

BAS EBBENS autodemontage
BAS EBBENS autodemontage

Afgifte autowrakken en tussenopslag

Nadat alle bruikbare onderdelen uit de auto zijn gehaald blijft het autowrak, dat grotendeels bestaat uit metaal, nog over. De autowrakken worden opgekocht en gaan door naar een shredder. Een autodemontagebedrijf mag autowrakken alleen afvoeren naar een bedrijf waar een shredderinstallatie aanwezig is en waarin een scheiding plaatsvindt tussen metaalschroot en shredderafvalstoffen. Vóór afvoer naar een shredderinstallatie mogen ze wel ter beschikking worden gesteld aan een instelling voor oefen- en opleidingsdoeleinden (bijvoorbeeld de brandweer) mits de vloeistoffen en eerdergenoemde onderdelen zijn verwijderd.

Shredderinstallatie

Shredderbedrijven winnen de verschillende metalen, zoals aluminium, ijzer en koper, uit de auto terug. Dit doen ze door complete wrakken te vermalen tot snippers. Het grove, lichte materiaal wordt afgezogen en gescheiden en een trommelmagneet scheidt alles wat van ijzer is van de rest van de materialen. Shredden is een hoogwaardig proces en levert zo zuiver mogelijke materiaalstromen op met een minimum aan vermenging met andere materialen. Koper, aluminium, ijzer en verschillende kunststoffen komen bij shredders maximaal ‘schoon’ uit de machines, zodat ze weer als nieuwe grondstoffen gebruikt kunnen worden. Het restafval wordt ook wel ‘shredderafval’ genoemd (een verzameling restmetalen, rubber, kunststoffen, glas, vezels en zand).

Metaal verwerking en recycling HKS

PST-fabriek

De laatste stap in het recyclingproces is de scheiding door middel van Post Shredder Technology (PST). In de PST-fabriek wordt het overgebleven shredderafval met behulp van een groot aantal verfijnde machines en technieken in een twintigtal herbruikbare grondstoffen gescheiden. Zo ontstaan vier afvalstromen: kunststoffen, mineralen, vezels en metaalrestanten. Ze scheiden de verschillende metalen nog verder van elkaar, zodat uiteindelijk koper, aluminium, ijzer en roestvrij staal overblijven. Het scheidingsproces gebeurt onder meer met magneten en met triltafels, die de verschillende soorten metaaldeeltjes uit elkaar halen.

Nieuwe toepassing voor metalen

De teruggewonnen metalen gaan naar smelterijen en vervolgens naar de metaalverwerkende industrie. Zo kan het roestvrij staal gebruikt worden voor staalconstructies, het koper voor onder meer toepassingen in kabels van energiebedrijven, het aluminium voor bijvoorbeeld blikjes en het ijzer voor gewapend beton voor de bouw van woningen en kantoren. Zo heeft uiteindelijk 98,4 procent van het gewicht van je oude auto een nieuwe, nuttige toepassing gekregen – of dat nu in een andere auto, een blik hondenvoer of een stuk gewapend beton is.

Herkenbaarheid als autowrak

Pletten, knippen en snijbranden door autodemontagebedrijven is maar beperkt toegestaan, omdat een wrak altijd herkenbaar moet blijven als voertuig. Dat wil zeggen dat het merk, type, chassisnummer en voertuigidentificatienummer identificeerbaar moeten blijven. Daarnaast moet bij controle na te gaan zijn dat de verplichte stoffen en onderdelen zijn gedemonteerd en het autowrak geen afval bevat dat niet bij een autowrak hoort.

De opdracht van ARN

Strengere milieuregels en technische innovaties hebben autorecycling de laatste decennia een grote impuls gegeven. ARN heeft het proces en de autoreyclingketen in kaart gebracht en ondersteunt hoogwaardige en verantwoorde autoreycling. Samen met de keten zorgt ARN ervoor dat ten minste 95 procent van de auto’s wordt gerecycled en nuttig toegepast. Hiermee geeft ARN uitvoering aan de producentenverantwoordelijkheid van autofabrikanten; die zijn immers verantwoordelijk voor het beheer van hun producten in de afvalfase.

Besluit beheer autowrakken

De Nederlandse overheid geeft sinds 2 juli 2002 invulling aan de Europese richtlijnen voor de milieuverantwoorde verwerking van autowrakken met het Besluit beheer autowrakken (Bba). Hierin staat onder meer dat ten minste 95 procent van een auto moet worden hergebruikt. Dit recyclingpercentage is onderverdeeld in twee componenten. Ten minste 85 procent moet als product of materiaal worden hergebruikt en voor nog eens 10 procent moet een nuttige toepassing worden gevonden, bijvoorbeeld in de vorm van verbranding met energieterugwinning.